Inhoudsopgave


Revolutionair Links en Verkiezingen
Het Moralisme van Stemmen, Het Moralisme van Onthouden
Voorbij onthouding


Revolutionair Links en Verkiezingen

Vraagstukken over hoe socialisten met verkiezingen in bourgeois democratiën moeten omgaan zijn al meer dan 150 jaar de bron van twistpunten. Meningsverschillen over dit punt, in zoverre ze een uitvloeisel zijn van de wens om staatsmacht te veroveren, was een van belangrijkste redenen dat de Eerste Internationale is gesplitst.

Er is geen twijfel over mogelijk dat verkiezingen spectaculaire gebeurtenissen zijn. Er worden ongeëvenaarde hoeveelheden geld uitgegeven, er is geen stop aan de media-experts die hun mening verkondigen, en op Twitter vind je altijd wel de volgende provocerende tweet. Verkiezingen zijn niet alleen politiek, maar ook een sociaal en cultureel fenomeen.

Het debat over verkiezingen duurt nog steeds voort binnen de socialistische beweging. Iedere groep heeft wel zijn eigen voorschriften. De grootste socialistische organisatie in de V.S. probeert nog steeds een sterke basis binnen de Democratische Partij op te bouwen, in de hoop dat zij socialistische leden verkozen kunnen krijgen. In Nederland hebben verschillende Marxistische sektes nog steeds de hoop dat ze de SP kunnen verlinksen.

Aan de andere kant hebben revolutionaire socialisten, waaronder anarchisten, een andere tactiek. Sommige groepen in deze categorie proberen uitbundige façade-campagnes[1] op te zetten voor hun eigen kandidaten die geen enkele kans hebben bij de verkiezingen. Deze campagnes dienen er dan alleen voor om cynisch aandacht te trekken en geldmiddelen te verkrijgen. Anderen, vooral anarchisten, hebben de gewoonte om uit principe tot geheelonthouding van het verkiezingsproces op te roepen.

Dit artikel richt zich tot deze laatste groep.

Het Moralisme van Stemmen, Het Moralisme van Onthouden

Wat zijn de redenen waarom anarchisten (en andere revolutionaire socialisten) tot onthouding oproepen? Meestal komt het neer op het idee dat stemmen in een burgerlijke verkiezing actief de staat legitimeert. Dat zou een compromis op onze ideologische kernprincipes zijn.

Dit is, ironisch, dezelfde soort logica die gebezigd wordt door de mensen – meestal liberalen – die zeggen dat we moeten stemmen omdat we anders verantwoordelijk zijn voor de schade van de tegenpartij. Dit al te bekende refrein klinkt al sinds 2016 door de hoofden van veel linkse mensen in de V.S.

Beide posities zijn echter gestoeld op een diepe fout aangezien ze beiden vraagstukken over de materialiteit van politieke macht en de werking van de staat reduceren tot individuele morele wiskunde. Dit kan van de liberaal verwacht worden, maar waarom hebben anarchisten grotendeels hetzelfde referentiekader omarmt?

Laten we dit verder onderzoeken.

Op deze manier gekaderd halen liberalen en revolutionaire socialisten hun tegengestelde conclusies uit dezelfde moralistische opzet. De kern van deze opzet rust op de vraag: hoe kan ik het beste mijn medeplichtigheid in het legitimeren van de acties van de staat minimaliseren.

De revolutionaire socialist heeft, in tegenoverstelling tot de liberaal, genoeg kennis om te herkennen dat de staat zelf een werktuig van de kapitalistische klasse is. Desalniettemin lijkt het vaak moeilijk om te breken met de logica die stelt dat discrete individuen en hun acties de oorsprong zijn van de legitimiteit van de staat. Dit idee van de zogenaamde consent van de geregeerden waar alle representatieve democratieën zich op zeggen de te baseren hebben anarchisten altijd verworpen.

Anarchisten hebben, daarentegen, een theorie van de staat geopperd waar de processen van staatsformatie, -reproductie, en -legitimatie uitgevoerd worden door een combinatie van dwingende kracht (het leger, politie, gevangenissen) en ideologische conditionering (via burgerlijke instituten als scholen, de media, enzovoorts).

Kort gezegd: de staat heeft niet jou toestemming nodig om te bestaan, laat staan om zijn meest verschrikkelijke activiteiten uit te voeren.

Het is dan ook bizar dat de meeste anarchisten de onthouding hebben omarmt, aangezien dit toegeeft aan de logica van de consent van de geregeerden. In plaats van de anarchistische theorie van de staat compleet te omarmen in de zoektocht naar serieuze strategieën voor het ontwikkelen van tegenmacht, grijpen we naar een comfortabele moralistische taal van boycotten en het terugtrekken van consent.


Voorbij onthouding

Zoals hierboven is betoogt, is de onthouding gebaseerd op het aannemen van liberale politieke theorie die niet verenigbaar is met de anarchistische theorie van de staat. We moeten dan ook voorbij onze afhankelijkheid op onthouding kijken en een werkelijk strategische oriëntatie met betrekking tot verkiezingen en staatsmacht ontwikkelen.

Het moge duidelijk zijn dat deze tekst vooral niet een voorstel is om verkiezingen actief, enthousiast, of op wat voor manier dan ook als oplossing te zien. Wat we in feite proberen uit te dragen is de notie dat het vraagstuk van participeren in verkiezingen niet eens een overweging zou moeten zijn. Zowel onthouding als participatie zijn een actieve strategie. Om ook maar een moment over dit vraagstuk te peinzen of, erger nog, te moraliseren is een grove tijdsverspilling voor elke serieuze revolutionair.

Onze onmiddellijke taak is onszelf organiseren als een klasse die de capaciteit heeft om zijn wil op staat en kapitaal uit te oefenen. Dit betekent dat we onafhankelijke en duurzame sociale bewegingsorganisaties die ons in ons alledaagse leven collectieve macht geeft moeten bouwen of versterken. Vakbonden op het werk, huurdersbonden thuis, studentenbonden op school, en buurtvergaderingen in onze wijken. Kort gezegd, ons doel moet het bouwen van volksmacht[2] zijn.

Anarchisten, vooral degenen die het Especifismo omarmen, onderkennen dat het onze taak is om in deze organisaties te werken en hun democratische, strijdlustige, en revolutionaire karakter te ontwikkelen.

Op dit moment is de machtsbalans in dit land sterk gekant richting staat en kapitaal. Hoewel massademonstraties veelbelovend zijn geweest, zijn er weinig tekenen dat demonstranten voorbij straatactie kijken en bezig zijn met het bouwen van ononderbroken bewegingsopbouw via het soort materieel ingebedde organisaties zoals hierboven benoemd. Het moet begrepen worden dat onze mogelijkheid om concessies te krijgen is afhankelijk van hoe effectief we druk kunnen uitoefenen op die ruimten die tegelijkertijd kwetsbaar zijn, en door staat en kapitaal als waardevol worden gezien. We hebben de mogelijkheid te winnen, maar dan moeten we wel de juiste gereedschappen ter beschikking hebben.

Deze strijdvlakken gebeuren natuurlijk niet in een vacuüm. De wereld draait door, en gebeurtenissen met nationaal en internationaal belang zullen de toestand waar wij mee moeten engageren blijven veranderen. Of we nou in het midden van een verkiezing, een economisch crisis, een pandemie - of alle drie zijn, we zijn alleen effectief als we samenloop van omstandigheden begrijpen en gepast kunnen handelen.

Stem of stem niet, de prioriteit is het bouwen van onze eigen macht.

[1] De originele tekst zegt ’potemkin campaigns’ en doelt hiermee op de potemkin-dorpen. Dit waren dorpen gebouwd door Grigory Potemkin om indruk te maken op Keizerin Catherine II. Hij vond het belangrijker om veel geld uit te geven om de Krim er goed uit te laten zien, dan te zorgen dat het beter ging met de Krim. De uitdrukking is echter erg obscuur.

[2] Er is geen goede vertaling in het Nederlands voor ’popular.’ Volk is de vertaling die het dichtste bij ’popular’ ligt maar heeft ook een connotatie van ’natie’ die hier absoluut niet bedoeld wordt. Het gaat hier om macht die bij mensen zelf ligt, en niet macht over hen die geclaimd wordt door potentaten in Washington, of Den Haag, of waar ze ook mogen zijn.